wereldeenheid
 

Abraham

Isaäc voor de Joden en Christenen, Ishmaël voor de Moslims

 

 

Abraham, de Vriend van God. We kennen allemaal wel het verhaal dat God Abraham had bevolen zijn eigen zoon (Isaäc voor de Joden en Christenen, Ishmaël voor de Moslims) te offeren. Zijn zoon liet zich gewillig aan de offertafel vastbinden. Toen Abraham hem wilde doden, hoorde hij plotseling een rund dat zich in het struikgewas had verstrikt. God had Abrahams geloof op de proef gesteld en hem een vervangend offer gezonden. Isaäc was de zoon van zijn vrouw Saraï en Ishmaël de zoon van zijn bijvrouw Hagar. Saraï wilde dat Abraham Hagar en haar zoon wegstuurde. Isaäc werd zo de stamvader van het Joodse volk, en Ishmaël van het Arabische volk (de Moslims), beiden Semieten, broedervolken, verenigd in hun stamvader Abraham. Nog ieder jaar gedenken de Moslims dit feit in het offerfeest (sadaqatu'l-fitr) wanneer schapen, geiten runderen of kamelen worden geofferd. Het vlees mag zelf worden opgegeten of aan de armen geschonken.

   

Een impressie ...

 

 

Hij liet de vrouw (Hagar) en het kind (Ishmaël) achter in de grijze zandheuvels onder de brandende hemel. Hij gaf haar een huid gevuld met dadels en een met water, keerde zich om en liet haar alleen. Zij volgde hem, riep naar hem, maar hij ging voort, keerde zich niet om en gaf geen antwoord. Tenslotte riep zij uit: Is het God die je dit heeft opgedragen?" En hij sprak dat ene woord: "Ja." Hij ging verder en liet haar en zijn kind in de lege heuvels achter. Hij zag de bron (Samsam) die uit het zand op zou wellen en het Huis (de Ka'ba in Mekka) dat hij zou gaan bouwen; een vierkant Huis, dat door de eeuwen heen voor de mensen een teken zou zijn. En hij zag dat het kind niet zou sterven; hij zag het leven en de heerlijkheid van zijn nageslacht over de wereld uitstralen (de Islám). Maar, toen hij over de gloeiende heuvels wegtrok, wist hij ook dat hij deze vrouw, die hij liefhad, nimmer meer zou zien ... Bron: Dawn over Mount Hira, Marzieh Gail, 1976, George Ronald, Oxford.

     
de archeologische Abraham  

Wie was Abraham? In de Bijbel staat dat hij een Hebreeër, de aartsvader, de vader aller gelovigen was. Bovenal is hij degene die zijn vertrouwen stelde op de Here en die luisterde naar Zijn stem. Toch is het niet gemakkelijk om ons een beeld te vormen van Abraham. Was Abraham een nomade of een handelsvorst? Waar kwam hij vandaan en in wat voor tijd leefde hij? Vaak wordt aangenomen dat Abraham omstreeks 2166 v. C. werd geboren. Daarbij baseert men zich op de Hebreeuwse tekst van het O.T.. Zie 1 Kon. 6:1 waar staat dat de Uittocht 480 jaar vóór het vierde jaar van Salomo's regering plaats vond.

     
Abraham, Mozes, Jezus Christus, Mohammed, de Báb, Bahá'u'lláh  

Joden en Arabieren, broedervolkeren in Abraham ...

'Abdu'l-Bahá schrijft: "Zo is het een bijzondere zegening dat uit de afstammelingen van Abraham alle Profeten van de kinderen Israëls gekomen zijn. Dit is een zegening die God aan dit geslacht heeft verleend; aan Mozes uit Zijn vader en moeder, aan Christus uit de lijn van Zijn moeder, ook aan Mohammed en de Báb en aan alle Profeten en de heilige Manifestaties Israëls. De Gezegende Schoonheid (Bahá'u'lláh) is eveneens een rechtsreekse afstammeling van Abraham, want Abraham had behalve Ismaël en Izaäk nog andere zonen die in die dagen naar Perzië en Afghanistan trokken en de Gezegende Schoonheid is een van hun afstammelingen." ('Abdu'l-Bahá, Beantwoorde Vragen, blz. 186)

     

de Vriend van God

verbannen uit Zijn stad

 

Bahá'u'lláh zegt over Abraham

"Later verscheen de schoonheid van het aangezicht van de Vriend van God van achter de sluier en werd er een andere standaard van goddelijke leiding gehesen. Hij noodde de volkeren der aarde tot het licht van rechtvaardigheid. Hoe hartstochtelijker Hij hen aanspoorde, hoe heviger de afgunst en eigenzinnigheid van het volk toenam, behalve van diegenen die zich geheel losmaakten van alles buiten God ... Het is bekend welk een schare van vijanden Hem belegerde, totdat tenslotte het vuur van afgunst en opstand tegen Hem werd ontstoken. En na de episode van het vuur, werd Hij, de lamp van God onder de mensen, verbannen uit zijn stad, zoals daar staat opgetekend in alle boeken en kronieken." Boek van Zekerheid, Bahá'u'lláh, Stg Bahá'í Literatuur, Den Haag, 1976, blz. 13.

"Onder de Boodschappers was Abraham, de Vriend van God. Voordat Hij Zich manifesteerde, had Nimrod een droom. Daarop riep hij de waarzeggers tot zich, die hem inlichtten over de opkomst van een ster aan de hemel. Eeneens verscheen er een heraut die door het hele land de komst van Abraham aankondigde." Boek van Zekerheid, Bahá'u'lláh, Stg Bahá'í Literatuur, Den Haag, 1976, blz. "40.

 

wilt u reageren? stuur ons uw vragen of opmerkingen!