wereldeen

 

Mohammed (VZMH)

er is geen god dan God en Mohammed is Zijn Profeet  

Mohammed (VZMH) bevestigt de Aartsvaders, Mozes, en Jezus en de eindtijd. Hij verklaart bovendien dat Hij de laatste Profeet is, het Zegel der Profeten. Zeg: "O mensdom, Ik ben u allen tot een Boodschapper van God".

Koran, Sura 7 : 159

Het is in de islamitische wereld gebruikelijk dat de naam van het Profeet direct wordt gevolgd door 'VZMH: vrede zij met Hem', of in het Engels 'PBUH: peace be upon Him'.

   

  over Mohammed
 

Bism'illáhi'r-Rahman'r-Rahim (in de naam van God, de Barmhartige, de Genadevolle)

   

 

Als hij door de straten van Mecca liep, lachten zij hem uit. Soms sloegen zij hem. Eens toen hij in gebed geknield lag, gooiden zij schapenuitwerpselen over hem heen. Zelfs hun goden schenen hem spottend toe te lachen als hij voorbij liep. Hij zei dat hun afgoden slechts van hout en steen waren en dat er een andere God was, een God Die niemand kon zien. Maar alleen de bedelaars luisterden naar hem, terwijl de afgoden duizenden aanbidders telden. Hij verliet zijn huis en ging naar een andere plaats (Ta'if), een stad in de bergen waar vruchtbomen groeiden. Hij dacht dat de mensen daar wel naar hem zouden luisteren. Maar toen hij zijn mond opendeed, wierpen zij stenen naar hem ...

Bron: Dawn over Mount Hira, Marzieh Gail, 1976, George Ronald, Oxford.

   
voortschrijdende Openbaring  

Wanneer Mohammed zegt dat Hij ‚het Zegel der Profeten' is, bedoelt Hij daarmee dat Hij de laatste Profeet is en er na Hem geen andere Profeten meer komen zullen. Dat betekent dat er na de Islám geen andere godsdienst meer komt tot aan het moment waarop de hemelen zullen worden samengevouwen (de eindtijd).

Alle Boodschappers van God, Abraham, Mozes, Jezus Christus, Zoroaster, Mohammed, hebben benadrukt dat de mensen van hun tijd zich tot Hen zouden keren en niet tot de Profeten uit het verleden. Dat was ook het doel van hun komst, namelijk het verkondigen van een nieuwe Openbaring, die niet in de plaats van de vorige komt, maar deze aanvult en vernieuwt. Maar Zij hebben ook gewezen op de komst van Hun opvolger, de Mahdi, en hebben tekenen gegeven waaraan men Die zal herkennen. Die tekenen waren niet altijd even gemakkelijk te begrijpen, waardoor velen de nieuwe Manifestatie van God niet hebben herkend en aan de godsdienst van het verleden zijn blijven vasthouden.

   

geen Profeet van God is zoveel kwaad aangedaan

 

 

 

 

 

Bahá'u'lláh zegt in Zijn Bloemlezing over Mohammed

Wat een bitter lijden deed de hand van de ongelovige en de dwalende, de godgeleerden van die tijd en hun bondgenoten, deze geestelijke Kern, dit zuivere en heilige Wezen ondergaan! Hoe overvloedig de doornen en stekels die zij op Zijn pad hebben gestrooid! ... (Zij) behandelden Hem als een bedrieger en verklaarden dat Hij een krankzinnige en lasteraar was... Deze boosaardige beschuldigingen spoorden het volk aan om op te staan en Hem te kwellen. En hoe wreed is die kwelling, als de godgeleerden van die tijd de voornaamste aanstichters zijn, als zij Hem bij hun volgelingen aanklagen, Hem uit hun midden verjagen en verklaren dat Hij een ongelovige is! ... Om deze reden riep Mohammed uit: "Geen Profeet van God is zoveel kwaad aangedaan als Mij is aangedaan".

Stg. Bahá'í Literatuur, den Haag, deel XIII, blz. 17

   
Ik ben Jezus  

Mohammed en Jezus

"... in de Beschikking van de Qor'án, worden het Boek en de Zaak van Jezus beide bevestigd. Wat betreft de namen, verklaarde Mohammed zelf: "Ik ben Jezus." Hij erkende de waarheid van de tekenen, profetieën en woorden van Jezus en getuigde dat zij alle van God waren." Boek van Zekerheid, Bahá'u'lláh, Stg Bahá'í Literatuur, Den Haag, eerste druk 1976, blz. 18

   

er is geen god dan God en Mohammed is Zijn Boodschapper

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Islám in het begin

La ilaha illá'llah Muhammadur-Rasúlu'llah (er is geen god dan God en Mohammed is Zijn Boodschapper). Wie dit uitspreekt en met zijn hart belijdt, is toegetreden tot de islam.

Tijdens Zijn Meccaanse periode leerde Mohammed de mensen een eenvoudig religieus concept, dat de Islám in het kort weergeeft. In Medina werden deze leringen later uitgebreid. De eerste drie vormden de kern van de religie.

  1. geloof in één God en verwerping van alle afgoden
  2. geloof in Mohammed als de Boodschapper van God
  3. geloof in de Dag des Oordeels

waaraan een aantal verplichte rituelen werden toegevoegd die men moest nakomen

  1. verplichte gebeden, vijfmaal per dag
  2. verplicht vasten tijdens de Ramadán
  3. betalen van aalmoezen
  4. pelgrimsreis naar de Ka'ba
  5. heilige Oorlog tegen de heidenen

en een aantal wetten werden toegevoegd die het sociale leven regelden, zoals huwelijk, echtscheiding, erfrecht, enz. en morele en ethische gedragsregels voor kuisheid, eerlijkheid, tolerantie, vergevensgezindheid, enz. Deze zouden de fundamenten van de Islamitische gemeenschap worden.

     

de 5 pilaren van de Islám

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Islám NU

Het Geloof begint met de Sahada oftewel de getuigenis:

"Ashadu an la ilaha illá'llah wa ashadu Muhammadur-Rasúlu'llah"

Door dit te zeggen getuig je dat Er geen God is dan Allah en Mohammed Sallalahu 'alaihi wasalam zijn dienaar en profeet is.

Alleen het uitspreken met de mond van deze getuigenis heeft geen waarde. Dit houdt in dat men de getuigenis niet accepteert door het enkel uit te spreken, maar dat men er met zijn hart in gelooft dat Allah een is en dat Hij geen deelgenoten kent. Hiernaast dient men er met zijn hart in te geloven dat Mohammed Sallalahu 'alaihi wasalam zijn profeet is.

 

De 5 zuilen of pilaren van de Islám.

Het geloof in de Islam steunt op vijf pilaren. Deze pilaren zijn als de fundering van een huis; wanneer je een van de funderingen weghaalt dan stort het huis in.
Bij het volgen van de juiste weg in de Islam en om te kunnen zeggen: 'ik ben moslim', is het dus noodzakelijk dat je in je geloof, naast het geloven in de 6 basiselementen, ook voldoet aan alle vijf de pilaren van de islam. Hieronder vind je de vijf pilaren:

1. Sahada (Geloofsgetuigenis)

2. Salaat (Gebed)

3. Zakaat (Armenbelasting)

4. Sawm (Vasten)

5. Hadj (Bedevaart)

     
het leven van Mohammed   Over het leven van Mohammed (570-632) zijn veel meer verhalen dan feiten bekend. Zo'n honderd jaar later werd pas zijn eerste biografie geschreven (Ibn Isaak, 704-767). Zelf bezie ik Zijn leven en werken binnen de context van de tijd waarin Hij leefde en de staat van verval waarin de bewoners van het Arabische schiereiland zich toen bevonden. Geweld was daarin heel gewoon.
Zijn richtlijnen in het Arabië van de zevende eeuw, waar vrouwen aanvankelijk helemaal geen rechten bezaten -pasgeboren meisjes werden bijvoorbeeld levend begraven- betekenden een enorme vooruitgang. De schrijfster Karen Armstrong wijst terecht op het feit dat het idee dat een vrouw voor de wet mocht getuigen en kon erven -vastgelegd in het islamitisch recht- in het christelijke Europa pas twaalf eeuwen later haar intrede deed.
Mohammed, benadrukt biograaf Maxime Rodinson, was ook die enige Wie het lukte Zijn geestelijke boodschap -voor niet-ingewijde oren erg prozaïsch, vol tegenspraak en herhalingen- zodanig te doen aansluiten bij opkomende gevoelens van individualiteit en monotheïsme onder de Arabieren, dat ze algemene zeggingskracht kreeg. Geweld was nooit de kern van Zijn boodschap; de 'heilige oorlog' behoorde dan ook niet tot de vijf pijlers waarop Hij de islam bouwde.
     
en verder ...  

Dat latere generaties moslims verzuimd hebben Mohammeds leer aan te passen aan de eisen van de veranderende tijd, valt de Profeet niet te verwijten.

Het is bovendien gewoonte dat islamologen, geleerden en godsdienstleiders zich baseren op de uitleggingen van de Islám en de Qur'án welke door toenmalige islámgeleerden in de eerste eeuwen na het ontstaan in een veelheid van geschriften en boeken is vastgelegd. Door deze 'dogmatiek' is de weg naar aanpassing aan een veranderende tijd geblokkeerd zo niet geheel afgesloten.

 

wilt u reageren? stuur ons uw vragen of opmerkingen!